Betaalbare Utrechtse woningen door Weense oplossing én nieuwbouw

Een grotere sociale huursector en nieuwbouw bieden een exit uit de huidige knellende Utrechtse woningmarkt. Voor de aanpak kijkt Volt Utrecht graag naar de stad Wenen.


De woningmarkt in Utrecht is volledig oververhit. Dat is geen abstract economisch probleem: veel Utrechters ervaren op dit moment dat ze vastzitten in een woning waar ze eigenlijk niet meer kunnen of willen wonen. Wij horen veel voorbeelden van stellen die willen samenwonen maar samen geen huis kunnen vinden, gezinnen waar geen ruimte is voor een kinderkamer, of ouderen die kleiner zouden willen wonen. Ook een aantal van de kandidaat-raadsleden en leden van Volt Utrecht zit in zo’n situatie. Volt wil dat er een oplossing komt voor dit probleem.


Betaalbare woningen

Voor die oplossing kijken wij graag naar het voorbeeld van Wenen. In de Oostenrijkse hoofdstad kun je goedkoop een huurwoning vinden, terwijl dat in veel andere grote Europese steden lastig is. In Wenen woont maar liefst 60% van de bevolking in woningen met gereguleerde huur1, waarvoor je in aanmerking komt tot een inkomen van € 80.000,- per jaar. Daarom huren mensen uit alle sociale lagen betaalbare woningen en is gereguleerde huur de standaard. Die woningen hebben dan ook geen stigma zoals ze dat in Nederland wel hebben: wij zijn sociale huur - ten onrechte - steeds meer gaan zien als een vangnet voor de armen. Wenen laat zien dat dat anders kan.


Grotere sociale huursector

Volt Utrecht wil daarom ook inzetten op het vergroten van de sociale huursector. Dat betekent ten eerste dat we meer sociale huurwoningen moeten bouwen. Van de nieuwbouw moet minstens 40% sociale huur zijn. We hebben die woningen nodig om de wachtlijsten voor sociale huur terug te dringen - nu moet je elf jaar wachten voordat je een woning hebt gevonden! Daarnaast geloven wij dat een sterkere sociale huursector ook leidt tot een gezondere vrije huursector. Als mensen makkelijker een sociale huurwoning kunnen vinden, zijn ze niet aangewezen op de vrije sector. Dat verlicht de druk op die markt en zorgt dat ook in de vrije sector de huurprijzen kunnen dalen.


Volt wil ook een stop op het verkopen van sociale huurwoningen. Die woningen verlaten de sociale huursector en komen daar vaak niet meer terug. Als er vervangende woningen worden gebouwd, zijn dit er vaak minder, komen ze op een minder fijne locatie, of zijn het kleinere woningen. Hierbij leren we ook van Engeland: onder Thatcher zijn daar in de jaren ‘80 van de vorige eeuw veel sociale huurwoningen verkocht. Hierdoor is de sociale huursector in Engeland uitgekleed en is Londen nu één van de duurste Europese steden om te wonen.


Meer woningen

Uiteindelijk zullen de prijzen (en wachttijden) pas echt gaan dalen als er genoeg woningen zijn voor iedereen. Daarom wil Volt de stad Utrecht uitbreiden met een nieuwe wijk in de Rijnenburgpolder. We willen daar een duurzame wijk aanleggen waar het fijn is om te wonen, met een mix van sociale huur, vrije huur en betaalbare koopwoningen. Op die manier zorgen we voor een Utrecht waar we niet alleen nu, maar ook in de toekomst prettig en betaalbaar kunnen wonen.


Meer weten? Wij hebben dit artikel gebaseerd op de volgende bronnen:


FD - Waarom Wenen woningen wél betaalbaar kan houden


Correspondent - De woningnood wordt steeds nijpender − en dat verandert het debat over wonen


Stadszaken - Waarom ‘Right to Buy’ bij sociale huur een erg slecht plan is


Correspondent - Niks mis met bouwen, bouwen, bouwen. Maar dan wel graag sociale huur, zegt deze stadsgeograaf

Gereguleerde huur is het tegenovergestelde van vrije huur: huurwoningen waarvan de prijs aan regels is gebonden. De sociale huur in Nederland is een voorbeeld van gereguleerde huur. De huurprijs van een sociale huurwoning wordt niet vrij bepaald door de verhuurder, maar op basis van een puntensysteem dat vertelt hoeveel de woning mag kosten. In Wenen vallen veel meer huurwoningen onder gereguleerde huur dan in Nederland.