Speech Ruud coalitie akkoord

Voorzitter,


Nu ik voor de tweede keer in deze raad het woord mag nemen zal ik daar vandaag iets meer tijd voor nemen. Ik ben in de politiek gegaan omdat ik gegrepen werd door het idee dat we meer en betere Europese samenwerking nodig hebben om vooruit te komen. Vanuit die overtuiging heb ik mij aangesloten bij Volt. Het maakt mij daarom trots dat ik vandaag hier voor u kan staan als voorzitter van een fractie van drie Volters.


Vandaag bespreken wij het coalitieakkoord. Onze fractie steunt veel van de thema’s waar de coalitie op wil inzetten. Het akkoord richt zich op gelijke kansen, betaalbaar wonen en klimaat – onderwerpen die ook prioriteit hebben voor Volt.


We zijn blij met maatregelen gericht op kansengelijkheid, armoedebestrijding en het voorkomen van huisuitzettingen. We zijn vrolijk gestemd doordat de coalitie wil werken aan betaalbaar wonen in Utrecht, en steunen het voornemen om geen sociale huurwoningen meer te verkopen en minstens 40% sociale huur te bouwen.


Toch maken we ons ook zorgen over dit akkoord. En dan vooral over thema’s die juist zo centraal staan, zoals wonen en klimaat. Ik zal dat uitleggen.


Ten eerste over wonen. Volt vindt het moeilijk te geloven dat deze coalitie écht de woningnood gaat aanpakken. Hoe kan dat waar zijn als dit college geen start wil maken met bouwen in Rijnenburg? In maart heeft Utrecht zich duidelijk uitgesproken vóór bouwen in de polder. Ik stond zelf naast de heer de Koning toen hij voor de camera verklaarde dat bouwen in Rijnenburg voor D66 een breekpunt zou zijn. Nu ligt er wéér een akkoord dat bouwen in Rijnenburg op de lange baan schuift. Wat Volt betreft wachten we geen 13 jaar, maar beginnen we zo snel mogelijk.

We maken ons ook zorgen over het soort woningen dat dit college wil gaan bouwen. De woningen die in de afgelopen jaren zijn gebouwd waren vaak klein. Dit college vraagt om een gemiddelde oppervlakte van 65 vierkante meter. Ten opzichte van de afgelopen jaren is dat een verbetering, maar het verschil is klein.


Dan het klimaat. In het akkoord lezen we grote woorden over de ambities van de coalitie. De coalitie zegt dat ze “het onderste uit de kan willen halen” en “een voorloper willen zijn”. Maar als Utrecht een voorloper wil zijn, waarom doen we dan niet meer dan de minimale landelijke doelstellingen? Als we pas in 2050 klimaatneutraal zijn, als we tot 2050 gas blijven gebruiken om onze huizen te verwarmen, dan zijn we geen voorloper, dan zijn we een meeloper.

In april is Utrecht geselecteerd als één van de 100 Europese steden die beloven in 2030 klimaatneutraal te zijn. We hebben aan de Europese Commissie beloofd om een “klimaatcontract” op te stellen, waarin we uitleggen hoe we dat gaan bereiken. Maar in dit akkoord gaat het over 2050. Als deze coalitie inderdaad een voorloper wil zijn op klimaat, dan nodig ik de partijen uit om samen met ons te streven naar een klimaatneutraal Utrecht in 2040. Laten we daar de handen voor ineen slaan.


Ten derde hebben we ook grote zorgen over de doelstellingen in dit akkoord. Of beter gezegd, het gebrek aan doelstellingen. Het akkoord stroomt over van de mooie plannen, maar bijna geen enkele daarvan is gekoppeld aan een duidelijk doel. We hebben net nog het Rekenkamer-rapport besproken over niet meetbare doelstellingen van de gemeente. Met dit coalitieakkoord ben ik bang dat daar in de komende vier jaar weinig verbetering in komt. We hopen van harte dat die meetbare doelstellingen wél terug te vinden zijn in de uitwerking van de plannen van dit akkoord.


Voorzitter, ik rond af. Volt ziet een akkoord dat bol staat van de mooie plannen. Op twee cruciale punten, Rijnenburg en klimaat, zien we helaas dat de plannen van het college tekortschieten. In het algemeen zijn veel plannen vaag omschreven en is het vaak niet duidelijk welke doelen het college eigenlijk wil behalen. Kortom, we hadden gehoopt op meer.

De coalitiepartijen zeggen dat ze de komende vier jaar willen samenwerken. We hopen dat ook echt te gaan merken. Volt werkt graag mee aan ambitieus woon- en klimaatbeleid. Laten we zo samen bouwen aan een Europees Utrecht van de 21e eeuw.